Doorgaan naar hoofdcontent

Prostaatkanker en blootstelling bij brandweerlieden: inzichten uit een Noorse studie

Een recente studie onderzocht het risico op prostaatkanker bij Noorse brandweerlieden. De resultaten tonen geen sterk bewijs voor een verhoogd risico door beroepsmatige blootstelling, hoewel specifieke blootstellingen mogelijk alsnog een beperkte rol spelen.


Achtergrond: Prostaatkanker bij brandweerlieden

Brandweerlieden worden tijdens hun werk blootgesteld aan schadelijke stoffen zoals polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's), asbest en dieseluitlaatgassen. Eerdere studies hebben verhoogde incidenties van prostaatkanker gemeld, maar deze bevindingen worden bemoeilijkt door de invloed van medische surveillance, zoals prostaat-specifiek antigeen (PSA)-testen.

De (on)zin van PSA-testen als screeningsmethode blijft veelbesproken. Er wordt vaker prostaatkanker gedetecteerd, vooral indolente (= symptoomloze), langzaam groeiende vormen die anders onopgemerkt zouden blijven. Dit leidt tot meer diagnoses, maar niet altijd van klinisch relevante gevallen, en kan overdiagnose veroorzaken.


Doel en methode van de studie

Onderzoekers analyseerden gegevens van 4251 mannen in het Noorse Brandweer Cohort (1960-2021). Ze gebruikten Cox-regressie om verbanden te onderzoeken tussen blootstellingsindicatoren en het risico op verschillende typen prostaatkanker: agressieve, indolente en niet-classificeerbare prostaatkanker. Factoren zoals leeftijd, dienstjaren en blootstelling aan branden werden meegenomen.

Cumulatieve incidentie van A) agressieve en B) niet-agressieve prostaatkanker (PC) in het Noorse brandweercohort (n=4251) met betrekking tot leeftijd, per geboortecohort. Bron: Marjerrison N et al.

Belangrijkste bevindingen

  1. Algemeen risico: Er is geen sterk bewijs dat blootstelling aan brandbestrijding leidt tot een verhoogd risico op prostaatkanker. De hazard ratio's (HR) voor alle prostaatkanker-soorten lagen dicht bij 1, ongeacht de blootstellingsduur of intensiteit.
  2. Specifieke blootstellingen:
  3. Medische surveillance: Diagnoses van indolente prostaatkanker zijn gestegen sinds 1990, wellicht door de intensievere medische controles met PSA-testen.


Implicaties voor preventie

Hoewel de studie weinig ondersteuning biedt voor een sterk verband tussen brandweerlieden en prostaatkanker, zijn er enkele aandachtspunten:

  • Medische monitoring: Regelmatige controles kunnen bijdragen aan vroegtijdige opsporing van indolente prostaatkanker, maar kunnen ook leiden tot overdiagnose.
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM): Correct gebruik van PBM kan blootstelling aan schadelijke stoffen verminderen.
  • Langdurige blootstelling: De kleine verhoogde risico’s bij langdurige of intensieve blootstelling onderstrepen het belang van het minimaliseren van blootstelling op de werkplek.


Conclusie

Deze studie vond geen sterk verband tussen het brandweervak en prostaatkanker. Het systematisch uitvoeren van PSA-testen, kunnen eerder leiden tot overdiagnose. Toch kunnen langdurige blootstellingen aan specifieke stoffen een bescheiden rol spelen, wat preventieve maatregelen en monitoring relevant houdt.


Bron

Marjerrison N et al. Occupational exposures of firefighting and prostate cancer risk in the Norwegian Fire Departments Cohort. Scand J Work Environ Health Online-first -article. Published online: 14 Dec 2024. https://doi.org/10.5271/sjweh.4202

Populaire posts van deze blog

Kan men een definitief ongeschikte werknemer nog ontslaan zonder re-integratietraject?

Een vraag die mij nu al een aantal keer is gesteld, naar aanleiding van het nieuwe KB re-integratie; tijd om er even een kort blogartikel aan te wijden.     Ah, de definitieve overmacht. Al jaren een nagel aan mijn doodskist. In 2007 heb ik me zelfs laten verleiden tot het schrijven van een aantal fictiestukjes hierover (zie de triptiek Definitieve overmacht – Het verleden , Het heden en De toekomst ). Het toekomstverhaal is helaas echter nooit bewaarheid geworden, en met de huidige wetswijziging is de toen verschenen wettekst (die nooit effectief in werking is getreden) in haar geheel definitief in de vuilbak verdwenen. Nee, het vuile werk zal nog steeds door de bedrijfsarts en de werkgever opgeknapt moeten worden.   Op 30 december is dus een nieuwe wettekst verschenen in het Belgisch Staatsblad, dat de formaliteiten rond het einde van de arbeidsovereenkomst wegens overmacht als gevolg van definitieve arbeidsongeschiktheid beschrijft. In artikel 34 ...

Werken bij warm weer

Een tijdje geleden heb ik een tekst opgesteld over werken bij warm weer, en op deze zwoele zomerdag is het wellicht hét moment om deze ook eens op mijn blog te plaatsen. Als je daar geen boodschap aan hebt, en liever weet hoe je de werkgever overhaalt om een korte werkbroek voor je aan te schaffen, verwijs ik naar een eerder blogartikel " kort van stof ". Weet je, de wetgeving over werken bij warm weer wordt chronisch geplaagd door een misverstand over de gebruikte begrippen. Het zit zo. De normen worden berekend op basis van de WBGT-index. WBGT staat voor "Wet Bulb Globe Temperature". Deze index drukt de gevoelswarmte uit. Met een vochtige globethermometer worden vier parameters bepaald. Naast de temperatuur worden ook de straling, luchtsnelheid en vochtigheidsgraad gemeten. Want een droge hitte met veel wind bvb. geeft veel minder hinder dan een drukkende, vochtige hitte met windstilte. De wetgeving zegt bvb. dat je bij een WBGT-index van 31,5 en zwaar werk (v...

Moderne lotusvoeten

Vandaag verscheen een artikel op VRT NWS , dat schoenen met hoge hakken (voorlopig) lijken te hebben afgedaan. Nu kan ik eindelijk een tekst die ik al sinds begin 2020 als "draft" heb staan, publiceren! Wanneer we lezen over de praktijk van het voetinbinden in het oude China, gruwelen we van zulke barbaarse martelpraktijken. Hoe heeft een schoonheidsideaal ooit in zulke mate kunnen ontsporen? Nochtans bezondigen wij ons aan gelijkaardige praktijken, alleen is het moeilijker om zulke dingen objectief te beoordelen, wanneer je zelf in die cultuur verweven zit. Voetinbinden Ik ga dit cultureel gegeven toch even kaderen. De praktijk van voetinbinden heeft zich in China ontwikkeld tijdens de Tang-dynastie (618-907 na Chr.). Het hield in dat men bij jonge meisjes de voeten omzwachtelde. De vier kleine tenen werden naar binnen geplooid en braken uiteindelijk vanzelf. De grote teen bleef recht. Het resultaat was een "lotusvoetje". Dit gold als een teken van wels...