Doorgaan naar hoofdcontent

Veiligheidstraining in de bouw: Effectiviteit en uitdagingen

Hoewel veiligheidstraining essentieel wordt geacht om arbeidsongevallen in de bouwsector te verminderen, toont recent onderzoek uit Spanje aan dat de huidige aanpak niet het gewenste effect heeft.

Veiligheidstraining in perspectief

Veiligheidstraining is een centraal thema in beleid gericht op het verbeteren van de arbeidsomstandigheden. Het Europese Strategische Kader voor Gezondheid en Veiligheid op het Werk 2021–2027 benadrukt de noodzaak van effectieve training om risico's te beheersen, vooral in risicovolle sectoren zoals de bouw. Ondanks deze focus blijft het aantal ongevallen hoog, en de effectiviteit van bestaande trainingsprogramma's staat ter discussie.


Onderzoek naar trainingsmethoden

Uit een longitudinaal onderzoek in Spanje bleek dat bedrijven met meer trainingsuren ook meer ongevallen rapporteerden. Deels kan dat wijzen op reactieve trainingen (= trainingen die worden aangeboden als een maatregel na ongevallen) of ook op bedrijven met een sterker veiligheidsbeleid, die arbeidsongevallen consequenter en vollediger rapporteren. Deze bevinding roept desalniettemin vragen op over de kwaliteit en relevantie van de training. Vooral verplichte, generieke trainingen lijken minder effectief in het verminderen van ongevallen. Vrijwillige en gespecialiseerde trainingen, hoewel beperkter in omvang, tonen potentie, vooral wanneer ze continu worden aangeboden en specifiek zijn afgestemd op de werkomstandigheden.


Belemmeringen voor effectiviteit

De beperkte effectiviteit van huidige trainingen kan worden toegeschreven aan:

  1. Generieke inhoud: Veel trainingen behandelen algemene risico's en houden geen rekening met specifieke werkomstandigheden (= te theoretisch).
  2. Gebrek aan praktische toepassingen: Traditionele methoden, zoals klassikale lessen, missen vaak interactie en praktijkoefeningen (= saai).
  3. Reactieve training: Trainingen worden vaak pas aangeboden na een ongeval, in plaats van preventief (= te laat).
  4. Taal- en cultuurbarrières: Vooral in de bouwsector, waar veel buitenlandse werknemers actief zijn, wordt training niet altijd in de moedertaal aangeboden (= onbegrijpelijk).


Aanbevelingen voor verbetering

Om veiligheidstraining effectiever te maken, kunnen preventieadviseurs en HR-professionals overwegen:

  • Aanpassing van de inhoud: Stem de training af op de specifieke risico's en behoeften van het bedrijf en de werknemers (= interessant).
  • Interactieve methoden: Gebruik technologieën zoals virtual reality voor realistische simulaties en praktijkgerichte oefeningen (= leuk).
  • Continuïteit waarborgen: Bied regelmatige bijscholing aan, zelfs als dit niet wettelijk verplicht is (= doorlopend).
  • Evaluatie van leerresultaten: Implementeer objectieve evaluaties om de kennisoverdracht en toepassing in de praktijk te meten (= evalueer en stuur bij).


Conclusie

Effectieve veiligheidstraining vraagt om een grondige herziening van zowel de inhoud als de methodologie. Door trainingen specifiek, interactief en doorlopend te maken, kunnen bedrijven niet alleen voldoen aan wettelijke eisen, maar ook een wezenlijke bijdrage leveren aan het verminderen van arbeidsongevallen. Preventieadviseurs en HR-professionals spelen hierin een sleutelrol door de brug te slaan tussen theorie en praktijk.


Bron: Estudillo B et al. Effectiveness of training in reducing accidents in construction companies. Journal of Safety Research Volume 92, February 2025, Pages 283-291.

Populaire posts van deze blog

Kan men een definitief ongeschikte werknemer nog ontslaan zonder re-integratietraject?

Een vraag die mij nu al een aantal keer is gesteld, naar aanleiding van het nieuwe KB re-integratie; tijd om er even een kort blogartikel aan te wijden.     Ah, de definitieve overmacht. Al jaren een nagel aan mijn doodskist. In 2007 heb ik me zelfs laten verleiden tot het schrijven van een aantal fictiestukjes hierover (zie de triptiek Definitieve overmacht – Het verleden , Het heden en De toekomst ). Het toekomstverhaal is helaas echter nooit bewaarheid geworden, en met de huidige wetswijziging is de toen verschenen wettekst (die nooit effectief in werking is getreden) in haar geheel definitief in de vuilbak verdwenen. Nee, het vuile werk zal nog steeds door de bedrijfsarts en de werkgever opgeknapt moeten worden.   Op 30 december is dus een nieuwe wettekst verschenen in het Belgisch Staatsblad, dat de formaliteiten rond het einde van de arbeidsovereenkomst wegens overmacht als gevolg van definitieve arbeidsongeschiktheid beschrijft. In artikel 34 ...

Werken bij warm weer

Een tijdje geleden heb ik een tekst opgesteld over werken bij warm weer, en op deze zwoele zomerdag is het wellicht hét moment om deze ook eens op mijn blog te plaatsen. Als je daar geen boodschap aan hebt, en liever weet hoe je de werkgever overhaalt om een korte werkbroek voor je aan te schaffen, verwijs ik naar een eerder blogartikel " kort van stof ". Weet je, de wetgeving over werken bij warm weer wordt chronisch geplaagd door een misverstand over de gebruikte begrippen. Het zit zo. De normen worden berekend op basis van de WBGT-index. WBGT staat voor "Wet Bulb Globe Temperature". Deze index drukt de gevoelswarmte uit. Met een vochtige globethermometer worden vier parameters bepaald. Naast de temperatuur worden ook de straling, luchtsnelheid en vochtigheidsgraad gemeten. Want een droge hitte met veel wind bvb. geeft veel minder hinder dan een drukkende, vochtige hitte met windstilte. De wetgeving zegt bvb. dat je bij een WBGT-index van 31,5 en zwaar werk (v...

Moderne lotusvoeten

Vandaag verscheen een artikel op VRT NWS , dat schoenen met hoge hakken (voorlopig) lijken te hebben afgedaan. Nu kan ik eindelijk een tekst die ik al sinds begin 2020 als "draft" heb staan, publiceren! Wanneer we lezen over de praktijk van het voetinbinden in het oude China, gruwelen we van zulke barbaarse martelpraktijken. Hoe heeft een schoonheidsideaal ooit in zulke mate kunnen ontsporen? Nochtans bezondigen wij ons aan gelijkaardige praktijken, alleen is het moeilijker om zulke dingen objectief te beoordelen, wanneer je zelf in die cultuur verweven zit. Voetinbinden Ik ga dit cultureel gegeven toch even kaderen. De praktijk van voetinbinden heeft zich in China ontwikkeld tijdens de Tang-dynastie (618-907 na Chr.). Het hield in dat men bij jonge meisjes de voeten omzwachtelde. De vier kleine tenen werden naar binnen geplooid en braken uiteindelijk vanzelf. De grote teen bleef recht. Het resultaat was een "lotusvoetje". Dit gold als een teken van wels...